CVA (beroerte)

CVA zorgketen Westelijke Mijnstreek

Als de zuurstofvoorziening naar de hersenen plotseling wordt onderbroken spreken we over een Cerebro Vasculair Accident (CVA), ook wel een beroerte genoemd. Globaal gezien zijn er twee verschillende vormen van een cva of beroerte, namelijk herseninfarct en hersenbloeding.
  • Een bloedvat in de hersenen wordt afgesloten door een bloedstolsel of een dichtgeslibd bloedvat. Hierdoor krijgen de hersenen weinig, of tijdelijk geen zuurstof waardoor hersencellen afsterven. Men spreekt dan van een herseninfarct (afbeelding links).

 

  • Een bloedvat in de hersenen scheurt of knapt open waardoor het bloed zich in het hersenweefsel ophoopt. Dit noemt men dan een hersenbloeding (afbeelding rechts).

 

 

Bij  ongeveer 80 procent van de mensen met een beroerte is sprake van een herseninfarct. De andere 20 procent van de mensen heeft een hersenbloeding. Jaarlijks krijgen ongeveer 41.000 Nederlanders een beroerte, waarvan ongeveer éénvijfde overlijdt binnen een jaar nadat ze voor het eerst zijn opgenomen in het ziekenhuis. Een beroerte of cva is de tweede doodsoorzaak in Nederland en de belangrijkste oorzaak van invaliditeit. In driekwart van alle gevallen treft een beroerte of cva iemand ouder dan 65 jaar.

 

Verschijnselen
De verschijnselen kunnen na een paar weken tot maanden (deels) herstellen en minder worden. Het herstel en functioneren na een beroerte verschilt van persoon tot persoon. Welke verschijnselen optreden is afhankelijk van de plaats van de CVA (beroerte). De meest voorkomende verschijnselen zijn:

  • Dubbel zien of blindheid in een oog
  • Scheeftrekkend gezicht, afhangende mondhoek
  • Plotseling verlies van spierkracht aan een kant van het lichaam (arm, been, gezicht)
  • Tintelingen of doof gevoel aan een kant van het lichaam (arm, been, gezicht)
  • Coördinatie problemen (arm, been)
  • Duizeligheid, verstoord evenwicht (dronkemansgang)
  • Wartaal spreken, niet meer uit de woorden komen, dubbele tong spreken 
  • Gesproken taal niet meer begrijpen 
  • Slikproblemen
  • Gedragsverandering en denkveranderingen (o.a. plotseling niet mee weten hoe handelingen uit te voeren, herkennen van zaken)
  • Op langere termijn kunnen nog een aantal verschijnselen zichtbaar worden. Dit zijn onder andere veranderingen in het denken, gedrag of karakter.

 
(bron: Nederlandse Hersenstichting)

Er is veel aandacht besteed aan de inhoud van deze pagina. Toch kan het gebeuren dat de getoonde tekst niet of niet meer actueel is. U kunt geen rechten ontlenen aan teksten die op de webpagina worden getoond. Lees hiervoor ook onze disclaimer.