Therapeutisch keutels kleien (DDL april 2007)
MAASLANDZIEKENHUIS – Sam (5 jaar) wil nóóit meer poepen. Na die pijnlijke ‘bevalling’ van vorige week piekert hij er niet over het ooit nog eens te proberen. Hij heeft liever buikpijn. Sam is niet de enige voor wie ontlasting letterlijk een last is. Veel kinderen hebben last van obstipatie, of juist van ‘fecale incontinentie’. Voor alle kinderen die last hebben met poepen, is er het Kinderpoepspreekuur van de afdeling Pedagogische Zorg.
Kinderarts Max Visser ziet regelmatig kinderen met poepproblemen op de poli. “Ouders denken vaak dat de klachten worden veroorzaakt door een lichamelijke afwijking”, zegt hij.
“Maar dat is gelukkig zelden het geval. De klachten hebben meestal te maken met factoren als eten, drinken, bewegen, onrust, spanningen, angst enzovoort. Als ik constateer dat de klachten niet worden veroorzaakt door een ziekte of een lichamelijke afwijking maar door dit soort factoren, dan verwijs ik het kind door naar het Kinderpoepspreekuur. Want dat is de perfecte plek om ook deze kinderen hulp te kunnen bieden.”
Serieus probleem
Ondanks het feit dat de meeste kinderen met poepproblemen niet ‘ziek’ zijn, hebben ze wel degelijk een serieus probleem. Dit probleem beperkt zich meestal niet tot het kleinste kamertje, maar zorgt op den duur ook voor eetproblemen, gedragsproblemen en zelfs voor problemen op school. Al die problemen versterken op hun beurt het poepprobleem. Het Kinderpoepspreekuur helpt kinderen en hun ouders om deze vicieuze cirkel te doorbreken.
Het Kinderpoepspreekuur wordt ingevuld door de pedagogisch medewerkers Elly Boer en Els Hochstenbach. In de aanpak van het poepprobleem komen lichamelijke, psychosociale, emotionele en opvoedkundige aspecten aan bod. Door deze brede aanpak worden de poepproblemen stap voor stap in beeld gebracht en aangepakt.
Creatief bezig zijn
De ‘poeppoli’ – zoals het spreekuur ook wel wordt genoemd – is een plek waar een serieus probleem op een serieuze manier wordt aangepakt. Wat niet wegneemt dat een bezoek aan één van de twee ‘poepjuffrouwen’ voor het kind heel leuk kan zijn.
"Creativiteit speelt een belangrijke rol in de begeleiding die wij geven”, vertelt Elly Boer. “In onze spreekkamer vind je dan ook veel creatieve materialen: klei, een schildersezel, een zandbak enzovoort. En boeken, natuurlijk. Dankzij het boekje ‘Over de mol die wil weten wie er op zijn kop gepoept heeft’ wordt het onderwerp op een leuke manier bespreekbaar gemaakt. Vervolgens dagen wij het kind uit om met klei en verf de mooiste keutels te maken.”
“Creatief bezig zijn met klei en verf is heel ontspannend”, voegt Els Hochtenbach toe. “Het komt dan ook regelmatig voor dat een kind tijdens het kleien spontaan naar het toilet gaat om te poepen!”
Poepdiploma
Na vijf à zes consulten en een aantal huiswerkopdrachten ‘durven’, ‘willen’ en ‘kunnen’ de meeste kinderen (weer) zonder problemen op het toilet poepen. Als dat ultieme doel is bereikt, volgt natuurlijk ook de ultieme beloning: het poepdiploma. En daarmee is meestal niet alleen het kind heel blij.
“Eindelijk hebben we een plek gevonden waar er echt tijd, aandacht en begrip was voor ons probleem. En dat na maanden zoeken…”, aldus één van de ouders.
